Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

Beschermde natuurgebieden zijn essentieel om de biodiversiteit op aarde te behouden. Maar minstens zo belangrijk is dat natuurgebieden ook met elkaar verbonden zijn. En dat is wereldwijd een groot probleem, toont een nieuwe studie van een internationaal team van biologen, waaronder James Allan van de Universiteit van Amsterdam. Maar liefst 90 procent van de belangrijkste beschermde natuurgebieden ligt volledig geïsoleerd, wat een bedreiging vormt voor de biodiversiteit. De bevindingen zijn op 11 september gepubliceerd in Nature Communications.

Een kudde olifanten steekt een rivier over. De mogelijkheid om naar andere gebieden te migreren is essentieel voor het in stand houden van plant- en diersoorten. Foto: James Allan

Om gezonde populaties van planten en dieren in stand te houden, moeten die planten en dieren kunnen migreren. Zo kunnen ze ontsnappen aan natuurrampen zoals branden en overstromingen, en aan de gevolgen van klimaatverandering. Voor dit nieuwe onderzoek bracht het internationale team in kaart welke wereldwijde beschermde natuurgebieden in verbinding staan met tenminste één ander beschermd gebied via stroken van intacte habitat. De biologen ontdekten dat de overgrote meerderheid van de natuurgebieden volledig geïsoleerd ligt dankzij menselijke invloeden, zoals het omvormen van natuur naar landbouwgebieden, mijnbouw en stedenbouw. Dit zorgt voor een flinke beperking van hoe goed de beschermde gebieden ook echt in staat zullen zijn de aanwezige biodiversiteit te beschermen.

Gealarmeerd

De hoofdauteur van de studie, Michelle Ward van de School of Earth and Environmental Sciences van de Universiteit van Queensland, zegt zeer gealarmeerd te zijn door de bevindingen van het team. ‘Wij laten zien dat hoewel op dit moment ongeveer 40 procent van de op het land gelegen natuur op aarde intact is, slechts 9,7 procent van het netwerk van beschermde natuurgebieden ook daadwerkelijk met andere gebieden in verbinding staat. Dat betekent dat 90 procent van de beschermde natuurgebieden geïsoleerd ligt in een zee van menselijke invloeden’, aldus Ward.

Internationale afspraken     

Volgens internationale afspraken zouden beschermde natuurgebieden minimaal 17 procent van het oppervlak van een land moeten beslaan, en moeten deze gebieden goed onderling verbonden zijn. Dit onderzoek laat zien dat vrijwel geen enkel land daaraan voldoet. Er zijn wereldwijd maar negen landen die voldoen aan de internationale criteria, met een oppervlak aan beschermd natuurgebied van 17 procent van het landoppervlak en ten minste 50 procent onderlinge verbondenheid.

Aanwijzingen voor het beleid

Volgens co-auteur dr. James Allan van de Universiteit van Amsterdam bewijst deze studie dat er meer aandacht moet komen voor natuurbescherming, en dat hierbij meer nadruk moet komen te liggen op habitat-bescherming in het gehele landschap en restoratie van de natuur tussen beschermde gebieden in. Zodat de onderlinge verbondenheid van de huidige beschermde gebieden verbetert. ‘Wij bieden als handvat een methode waarmee landen ook de toekomstige verbondenheid van hun beschermde natuurgebieden kunnen modelleren. Zo’n methode was tot nu toe niet beschikbaar’, zegt Allan.

De studie bevat ook andere informatie rond natuurbeheer en -ontwikkeling die landen kunnen gebruiken om hun toekomstige beleidsagenda’s voor natuurbehoud op te stellen.

Details van de publicatie

Michelle Ward et al, Just ten percent of the global terrestrial protected area network is structurally connected via intact land, in: Nature Communications, 11 september 2020. DOI: 10.1038/s41467-020-18457-x