Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Het grootste en meest veelzijdige onderzoek ooit naar Rembrandt’s beroemde schilderij De Nachtwacht ging vorig jaar zomer van start. Sinds de heropening na de coronasluiting werkt het team onder aangepaste omstandigheden; desalniettemin komen de onderzoekers steeds dichter bij de schilder en zijn maakproces, vertelt Erma Hermens, hoogleraar op de Rijksmuseumleerstoel Atelierpraktijken en Technische Kunstgeschiedenis.

In Operatie Nachtwacht werkt een team van meer dan twintig conservatoren, restauratoren, natuurwetenschappers en fotografen van het Rijksmuseum samen om inzicht te krijgen in de veranderingen die Rembrandts meesterwerk, dat hij in 1642 voltooide, heeft ondergaan, om zo de huidige conditie van het schilderij beter te begrijpen en het te kunnen behouden voor de toekomst. Voor het publiek heeft het project tevens een extra dimensie: door de plaatsing van een glazen ruimte om het schilderij heen kunnen museumbezoekers een blik werpen op hoe het onderzoek en de restauratie er aan toe gaat.

Erma Hermens samen met Mitra Almasian van het UMC, werken met Optical Coherence Tomography, een imaging-techniek, om het gebruik van het blauwe pigment smalt te onderzoeken.

Rembrandt op afstand

Ondanks het coronavirus werkte het team hard door; werken in de glazen ruimte was tijdelijk niet mogelijk – het museum was van half maart tot 1 juni gesloten voor bezoekers en medewerkers – maar er waren genoeg deelonderzoeken die gewoon door konden gaan. Erma Hermens doet technisch kunsthistorisch onderzoek binnen Operatie Nachtwacht en vertelt hoe de sluiting haar werk beïnvloedde. ‘We werkten plotseling allemaal thuis. Al snel konden onze wekelijkse discussies weer doorgaan – nu volledig online – en onze natuurwetenschappers konden gelukkig aan de slag met de reeds verzamelde data, maar als technisch kunsthistorisch onderzoeker wil je toch graag bij het schilderij zelf kunnen.’

Een onderdeel van haar onderzoek dat wel kon doorgaan tijdens de sluiting, richt zich op Rembrandt’s pigmentgebruik, vertelt Hermens. ‘Waar kwamen de pigmenten vandaan, kocht Rembrandt verschillende kwaliteiten van bijvoorbeeld het blauwe pigment smalt, of van loodwit? Hiervoor konden we bronnen zoals receptenboeken gebruiken die, zij het beperkt, online beschikbaar zijn. Ook veel literatuur en archiefmateriaal is gelukkig gedigitaliseerd.’

We weten dat Rembrandt het pigment smalt in grote hoeveelheden en op allerlei manieren gebruikte. Dat is voor mij een van de meest interessante vondsten tot nu toe in het project.

Ondertussen werken de onderzoekers al een tijd met maskers en op gepaste afstand van elkaar in het glazen huis, maar het project heeft wel vertraging opgelopen. De tweede fase – de restauratiefase, die na de zomer zou beginnen – is door de corona-omstandigheden noodgedwongen uitgesteld. Hermens: ‘De planning is aangepast en wordt zo efficiënt mogelijk georganiseerd. Het is nu volop actie: hoge resolutiefotografie, 3D-scannen van het verfoppervlak en uitgebreid testen voor een eventuele toekomstige vernisafname vinden nu allemaal plaats. Het is een complex schilderij en alles wordt grondig onderzocht en overwogen, zowel wat betreft Rembrandt’s techniek als de conditie van het schilderij.’

De productie van smalt

‘Zelf werk ik op dit moment aan een onderzoek naar de productie van smalt. Dat is in feite een pigment gemaakt van blauw glas; de kleur wordt verkregen door kobaltoxide toe te voegen aan het glas. We weten dat Rembrandt smalt in grote hoeveelheden en op allerlei manieren gebruikte. Dat is voor mij als technisch kunsthistoricus een van de meest interessante vondsten tot nu toe in het project,’ aldus Hermens. ‘Ook zijn tijdgenoten gebruikten het veelvoudig. Ik wil graag meer te weten komen over de productie van het Nederlandse smalt, dat vaak wordt geprezen om de goede kwaliteit.'

Erma Hermens

'Hier is maar weinig over bekend, waardoor het doen van archiefonderzoek en het bestuderen van oude recepten cruciaal zijn om het productieproces en de samenstelling van het smalt, de producenten, en de locaties waar het werd gemaakt maar ook eventuele import, te kunnen herleiden. Daar werk ik nu aan samen met een masterstudent van het Technische Kunstgeschiedenisprogramma hier aan de UvA, Paul van Laar, en Dr. Annelies van Loon, natuurwetenschappelijk onderzoeker bij het Rijksmuseum. Uiteraard werkt het hele Operatie Nachtwacht team ook hier samen. We werken ook samen met onderzoekers van het UMC aan de toepassing van Optical Coherence Tomography (OCT), waarmee we in kaart proberen te brengen hoe een glasachtig pigment zoals smalt zich in een verflaag gedraagt – heel nieuw en erg spannend.’

De man en het schilderij

Hermens benadrukt ook de kleine maar interessante veranderingen in de compositie van het schilderij die het team op heeft weten te sporen. Die veranderingen vertellen je namelijk iets over hoe Rembrandts maakproces verliep. ‘Waar ik het meest benieuwd naar ben is hoe Rembrandt dacht en hoe hij artistieke beslissingen nam tijdens het maakproces. Op die manier leer je het schilderij beter te begrijpen, en daarmee ook de vele verouderingen en veranderingen die hun sporen hebben achtergelaten op het doek en dus hoe het werk er oorspronkelijk heeft uitgezien.’

Die kennis zorgt er vervolgens voor dat het schilderij beter geconserveerd kan worden – een uitkomst die te danken zal zijn aan de samenwerking van de verschillende disciplines die bijdragen aan het onderzoek. De interdisciplinaire werkomgeving is volgens Hermens bijzonder stimulerend: ‘In dit project gaat iedereen vanuit dezelfde interesse en motivatie te werk. Door expertises te combineren, op vragen vanuit andere disciplines in te spelen en samen te brainstormen ontstaat er een soort onderzoeksarena waarin alles samenkomt – het teamwork binnen dit project is inspirerend, uitdagend, en leidt tot meer dan de som der delen.’

Conservering en restauratie aan de UvA

De UvA-opleiding Conservering en restauratie is prominent vertegenwoordigd in Operatie Nachtwacht. Naast Erma Hermens vinden we er schilderijrestauratoren Susan Smelt, Lisette Vos, Nienke Woltman en Laura Raven, en technisch kunsthistoricus Ilse Steeman, allen alumni van de opleiding Conservering en Restauratie; en Robert Erdmann (hoogleraar op de Rijksmuseumleerstoel Conservering en restauratie), die verantwoordelijk is voor data science en de computationele beeldvorming binnen het technisch onderzoek.

Prof. dr. H.H.M. (Erma) Hermens

Faculteit der Geesteswetenschappen

Capaciteitsgroep Kunstgeschiedenis