Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
Je gebruikt een niet-ondersteunde browser. Deze site kan er anders uitzien dan je verwacht.

Hulpverleners, gemeenten en welzijnsorganisaties zouden proactiever moeten werken ter voorkoming van herhaalde dakloosheid. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam waarin bijna 70 ex-dakloze mensen vijf jaar lang worden gevolgd. Het onderzoek laat zien dat de doelgroep om verschillende redenen vaak moeite heeft om een hulpvraag te stellen.

Actieve hulp bij financiën

Driekwart van de respondenten uit het onderzoek krijgt twee jaar na de eerste meting nog ondersteuning vanuit budgetbeheer, zit in bewindvoering, heeft een financieel maatje of steun van het buurtteam. Voor velen van hen is de complexiteit van de regelingen te groot om zelf (digitaal) hun weg te kunnen vinden. Een groot deel van hen heeft angst om weer schulden op te bouwen. Meer dan de helft geeft daarom aan voorlopig nog hulp te willen bij de financiën. Dat is zeker nodig bij grote veranderingen zoals een verhuizing, vooral bij een verhuizing naar een andere gemeente. omdat er veel verandert in allerlei regelingen waar mensen gebruik van maken.

Participatie in de wijk

Het onderzoek laat zien dat het goed landen in de wijk, je echt thuis voelen, niet altijd makkelijk is voor de doelgroep. Stigma is een belangrijke beperking om goed contact te maken met buren. Als er meer aandacht voor het samenleven is georganiseerd, zoals in gemengd wonen projecten, vinden mensen meer steun bij hun buren. Er zijn betrekkelijk weinig mensen die actief meedoen in de wijk bij bijvoorbeeld buurthuizen. Als dat wel zo is, waarderen mensen het dat zij ook iets te brengen hebben. Vaak is iemand dan actief uitgenodigd door zo’n organisatie. De onderzoekers concluderen dat organisaties in de wijk nog veelal uitgaan van een bewoner die het aanbod zelf opzoekt of een vraag stelt. Uit het onderzoek blijkt dat een uitgestoken hand en expliciete uitnodiging de drempel naar participatie in de wijk aanzienlijk verlaagt.

Hulp als onderdeel van vervroegde vrijlating uit detentie

Een deel van de mensen uit de doelgroep komt (met enige regelmaat) in aanraking met justitie, vaak door nog niet uitgevoerde straffen uit het verleden of als vervanging voor uitstaande boetes. Het onderzoek laat zien hoe ontwrichtend een periode in de gevangenis kan zijn in een kwetsbare hulpstructuur. Onduidelijkheid over de exacte datum waarop mensen in detentie gaan en weer vrijkomen maakt het moeilijk voor hulpverleners om goede afspraken te maken. Ook in deze situatie vragen mensen niet snel zelf om ondersteuning. Daarom kan actief aangeboden hulp, bijvoorbeeld voor huurdoorbetaling, een belangrijk hulpmiddel zijn om herhaalde dakloosheid te voorkomen.

Dr. N.F. (Nienke) Boesveldt PhD

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen

Programmagroep: Political Sociology: Power, Place and Difference